Voorbeschouwing Brabantse Pijl
Parcours
Bij de eerste Ardennenklassieker van het jaar krijg je precies wat je verwacht: heuvels. Geen eindeloze beklimmingen, maar kort en venijnig—meer dan zwaar genoeg om de koers snel selectief te maken. En dat alles in een wedstrijd van slechts 162 kilometer.
Net als vorig jaar wordt er gestart in Beersel, onder de rook van Brussel. In de eerste helft van het parcours worden zes heuvels aangedaan, maar daar zal de definitieve schifting nog uitblijven. Die volgt pas wanneer de koers richting finishplaats Overijse trekt.
Daar wachten drie lokale rondes waarin het tempo nauwelijks nog zakt. De Hertstraat (700 meter kasseien aan 3,8%), Moskesstraat (500 meter kasseien aan 8%), Holstheide (1,0 kilometer aan 4,9%) en de oplopende finishstraat in Overijse (1,3 kilometer aan 3,8%) volgen elkaar in rap tempo op. Daar wordt het verschil gemaakt—en gaat het echt pijn doen.
Vorige edities
Vorig jaar besloot Remco Evenepoel om zijn seizoen te starten in de Brabantse Pijl en deed hij dat op grootste wijze. Met Wout van Aert als medevluchter had de organisatie ook een scenario om van te smullen. Toen de twee gezamenlijk richting de streep reden, leek Van Aert met zijn sprint deze Brabantste Pijl op zijn naam te kunnen schrijven, maar was het toch echt Evenepoel die na 160 kilometer over de beste punch beschikte.
In de jaren daarvoor zien we vooral de aanvallende heuvelmannen die het goed doen in deze koers. Benoît Cosnefroy maakte zijn favorietenrol waar in 2024, en 2023 waren het Dorian Godon en Ben Healy die in de finale weg poeften en weg bleven. Aanvallend koersen én een goede punch lijken het recept voor veel punten in de Brabantse Pijl.
Favorieten Brabantse Pijl 2026
Voor veel klassiekers dit voorjaar kon je de eerste namen vooraf bijna invullen. Dat is bij het deelnemersveld van de Brabantse Pijl dit jaar een stuk lastiger. Toch springt Romain Grégoireeruit als iemand die zich op dit terrein thuis voelt. Hij won tijdens het Franse openingsweekend de Faun Drôme Classic en liet vorig jaar al zien wat hij in huis heeft in deze regio, met een 7e plek in zowel de Amstel Gold Race als de Waalse Pijl. Met zijn 4e plaats in de Strade Bianche, achter Pogacar, Seixas en Del Toro, bewees hij dit voorjaar bovendien dat hij ook op het allerhoogste niveau mee kan.
Het voorjaar van Mauro Schmid is misschien nog wel indrukwekkender. Sinds zijn 2e plek in het eindklassement van de Tour Down Under staat de Zwitser er al, en dat niveau trekt hij moeiteloos door richting april. Hij lijkt beter te klimmen dan ooit en beschikt ook nog over een sterk eindschot. Op papier is dit een wedstrijd die hem perfect moet liggen.
Toch moest Schmid twee weken geleden nog zijn meerdere erkennen in Tibor del Grosso. De Nederlander won in eigen land de NXT Classic, op een parcours dat goed te vergelijken is met dat van vrijdag. Na een leerzaam voorjaar krijgt de kopman van Alpecin-Deceuninck hier weer eens echt de ruimte om voor eigen kans te gaan.
Bij UAE Team Emirates staat er met Tim Wellens, Benoît Cosnefroy en Florian Vermeersch een sterk trio aan de start, al heeft ieder van hen zijn vraagtekens. Wellens maakt zijn rentree na zijn val in Kuurne – Brussel – Kuurne, Cosnefroy rijdt nog wat anoniem rond na een lang blessurejaar en voor Vermeersch lijken deze heuvels net iets te zwaar. Bovendien zal zijn valpartij in het Bos van Wallers van afgelopen zondag ook niet geholpen hebben. De Belg rijdt echter in de vorm van zijn leven en als er een jaar is waarin hij zijn tot nu toe beste prestatie in de Brabantse Pijl (43e) kan overtreffen, dan is het dit jaar wel.
Achter de grootste favorieten staat een brede groep renners klaar die richting een top 10 kunnen mikken. Jenno Berckmoes bijvoorbeeld: in zijn drie eerdere deelnames eindigde hij als 17e, 20e en 15e. Nu, op 25-jarige leeftijd en met sterke uitslagen in de breedte (11e in Milaan–Sanremo en 11e in In Flanders Fields), lijkt hij klaar voor een volgende stap. Misschien wel richting de resultaten van bijvoorbeeld Quinten Hermans. De Belg werd de afgelopen drie jaar 11e, 6e en 16e in de Brabantse Pijl en krijgt, bij afwezigheid van Tom Pidcock, dit keer de kans om volledig voor eigen succes te rijden.
En dan is er nog Maximilian Schachmann. Kijk je puur naar zijn palmares, dan hoort hij hier absoluut bij de favorieten. Maar de inmiddels 32-jarige Duitser is niet meer de renner die in 2019 drie heuvelklassiekers op rij in de top vijf reed, waardoor zijn rol dit jaar lastiger in te schatten is.
Bij Bahrain Victorious rekenen ze op Edoardo Zambanini, die als kopman naar voren wordt geschoven. Vorig jaar werd hij 17e, dit keer krijgt hij steun van Pau Miquel, die toen 12e werd. Zambanini heeft na een zware koers nog een degelijk sprintje in huis en liet met zijn 10e plek in Milaan–Sanremo zien dat hij opnieuw een stap heeft gezet. Misschien wel een nog interessantere optie is Brady Gilmore. De Australiër verraste onlangs door de slotetappe van de Ronde van Catalonië in Barcelona op zijn naam te schrijven. In een uitgedunde groep van zo’n dertig renners, vol sterke klimmers, bleek de besnorde Aussie de snelste. Nog vóór Dorian Godon (winnaar Brabantse Pijl 2023) en Remco Evenepoel (winnaar Brabantse Pijl 2025). Dat lijkt dus op papier een prima kanshebber voor de editie van 2026!
⭐⭐⭐⭐ Grégoire
⭐⭐⭐ Del Grosso, Schmid
⭐⭐ Cosnefroy, Hermans, Wellens
⭐ Berckmoes, Gilmore, Vermeersch, Zambanini
